|
|
 |
|
Maken Dick en Els gebruik van GPS tijdens hun rondje door Australië? |
|
|
|
|
Geschreven door Dick Verschuur
|
|
donderdag 30 maart 2006 |
Kaart en kompas

Een lange reis… hoe plan je dat? Hoe bepaal je je dagafstanden en je
planning. Welke kaarten gebruik je? Waar haal je die? Hebben jullie een
GPS bij je? Het zijn vragen die bijna dagelijks aan ons gesteld worden.
Daarom nog maar eens wat antwoorden.
In de praktijk plannen we een grote reis op
basis van de gemiddelde dagafstanden die we door de jaren heen hebben
gemaakt. In de praktijk komt dat neer op ongeveer zeventig kilometer
per gemiddelde fietsdag en vijfenveertig kilometer per dag
wanneer we daar ook rust- en vakantiedagen bij meerekenen. Wanneer we
die gemiddelden gebruiken zouden we in één jaar (dat is de maximale
visumtijd die wij in Australië kunnen krijgen) ongeveer 16.000
kilometer kunnen fietsen. De lengte van de route, gemeten langs
Highway 1, is ruim 14.500 kilometer. Tel daarbij duizend kilometer door
Tasmanië op, wat side-trips en het stukje van Katherine naar Darwin
twee maal, dan blijkt dat dit heel mooi past.
Voilá… op zich heb je dan al een plan. Je weet je vertrekdatum en je
weet ook wanneer je het land weer uit moet zijn. Je weet dat je in elf
maanden tijd ongeveer 15.000km gaat fietsen. Daarmee kun je dus aan de
slag.
Voor een grove planning gebruik je een kaart met eengrote schaal (die
kaart koop je in Nederland). Daar neem je de afstanden tussen de
grotere steden van en na wat simpel rekenwerk weet je al snel op welke
data je, bij benadering, op welke plekken moet zijn om in de pas te
blijven met ‘het schema’. Dat is ook handig wanneer je vakanties en
rustperiodes wilt plannen.
Met zeventig kilometer per dag plannen we vervolgens de dagen. Met een
redelijke kaart op tafel kiezen we een route. Daarbij kijkenwe vooral
of we, op ongeveer zeventig kilometer afstand, een overnachtingsplek
kunnen vinden. Dat kan een camping zijn maar ook een kampeerplek (bos,
rivier o.i.d.). Het is niet gezegd dat we daar gebruik van maken… maar
we plannen er wel redelijk op. Diezelfde planning gebruiken we ook voor
het inkoopmoment (omdat je niet de hele dag met levensmiddelen in je
tas wilt rondrijden).
De kaarten die we dagelijks gebruiken schaffen we meestal aan in het
land waar we op dat moment zijn. In dit geval, in Australië, is dat
simpel en goedkoop omdat er in elke redelijke plaats een kantoor van
het NRMA is. Daar kun je, op vertoon van je ANWB lidmaatschapspasje,
uitstekende kaarten krijgen. Gratis. Er zijn kaarten van alle zeven
staten plus deelkaarten van de grote steden. Wanneer je geen lid van de
ANWB bent kosten deze kaarten A$6,95 per stuk. Zelfs dat is good value
for your dollar!
Wat niet?
Een reisgids, zoals een Lonely Planet, Footprint
of Rough Guide gebruiken we hier niet. Dat haalt het verrassingselement
uit ons avontuur. We vinden het veel leuker om ons te laten verrassen
door dat waar we ‘toevallig’ tegenaan fietsen dan om met een tevoren
door een reisgids bepaalde verwachting naar iets toe te fietsen.
Onderweg, zo merken we, zijn er bovendien genoeg andere reizigers en
localo’s die je leuke tips geven. Vooral dat laatste (de tips van de
localo’s) blijken in de praktijk veel waardevoller dan de zonnige
foto’s en aanprijzingen uit een boekje. Bovendien staan die
gidsen voor meer dan de helft vol met de beschrijvingen van hotels e.d.
en daar maken we op deze reis ook al geen gebruik van. Weg ermee dus!
Voor ons vertrek kregen we van verschillende kanten de tip om het door
National Geographic uitgegeven ‘Koud Bier en Krokodillen’ van xxxx te
lezen. Dat hebben we geprobeerd. Meerdere malen. Er is niet door te
komen. Een buitengewoon saai relaas dat (ook dat nog) heel slecht
vertaald is. Meuk!
Wat dan wel?
Hier in Australië zijn we, heel toevallig, tegen
een verdomd handig boekje aangefietst. Around Australia By Bicycle is
een in eigen beheer uitgegeven pocket van Paul Elwood die in 1999
hetzelfde rondje gefietst heeft. Onderweg heeft Paul veel praktische
notities gemaakt (of met een dictafoon op z’n bagagedrager gereden).
Superpraktisch, niet toeristisch, geen bijvoegelijke naamwoorden. Zo
staan er wel ontelbare wildkampeerplekken langs de route vermeld
(beoordeeld met 1, 2, 3, 4 en 5 sterren) en zijn ook de waterpunten in
de outback(!!!) aangegeven. De bike shops staan er in en, de
roadhouses, general stores en supermarkten. Er staat niet in beschreven
hoe geweldig mooi het interieur van een kerk is en hoe lekker het eten
in een bepaald restaurant. No nonsense en heel praktisch!
Vijf sterren!
GPS?
Nee. Geen GPS. Omdat we meestal over wegen en
paden fietsen die op een kaart staan en we, met onze kilometertellers,
heel goed kunnen bepalen waar we zijn. Geweldig voor wandelaars,
kayakkers, cross-country skiers, 4wd-ers en iedereen die van het pad
afgaat maar niet voor toerfietsers.
|
|
|
 |
Wereldfietsers
Op 8 mei 1998 trokken Dick Verschuur en Els Schaap hun Katwijkse voordeur achter zich dicht voor een fietsreis naar Gibraltar (en terug).
Die zevenduizend kilometer (zo hadden ze geschat) dachten ze in ongeveer zeven maanden af te leggen.
Het liep - zoals zoveel dingen in hun leven - anders.

Op het oorspronkelijke keerpunt namen ze eeen boot naat de overkant.
Ze trapten vrolijk door naar Timboektoe en reden vervolgens terug. En toen (ze waren dertien maanden onderweg geweest), toen vonden ze het fietsen zo leuk dat ze nóg een keer op reis gingen. Drieënhalf jaar. Van Katwijk via de Noordkaap en Ushuaia (Argentinië) naar Noord-Alaska. Tijdens die reis richtten ze Stichting Klein Verzet op; een organisatie die zich sterk maakt voor het creëren van onderwijskansen voor kinderen en jongvolwassenen.
Voor deze stichting fietsten Dick en Els na hun thuiskomst ruim anderhalf jaar door Nederland. Door weer en wind en van hot naar her. Ze verzorgden bijna tweehonderdvijftig dialezingen waarmee ruim tweehonderdduizend euro werd opgehaald.
In januari 2006 vertrokken ze opnieuw. Nu voor een rondje Tasmanië, Australië en Bali. Met dat achter de rug vlogen ze begin 2007 naar Istanboel en reden vervolgens terug naar huis waar ze, op 16 juni van dat jaar, voor de laatste keer in de remmen knepen.
Het was mooi geweest vonden ze. Heel mooi.
In ruim negen jaar reden Dick en Els ruim 111.000 kilometer door vijf continenten. Ze doorkruisten ruim vijftig landen en stonden met hun fietsen op een paar van 's werelds meest afgelegen plekken. Tijdens die reis hebben ze geschreven en gefotografeerd.
Het resultaat daarvan vind je op deze website. Honderden reisverhalen en duizenden foto's; met het doel anderen te inspireren tot een omslag in het leven.
Voor degenen die thuis blijven staan er bijna honderd wereldrecepten.
Inmiddels zijn Dick en Els gestopt met fietsen en wonen ze in Den Haag. De fietsen staan in de schuur en hun tent is ingepakt. Els werkt "in de zorg" en studeert Psychmotorische Therapie. Dick is grafisch vormgever en bouwt websites.

|
|
|