|
Iedere Indonesische man rookt minstens één pakje per dag |
|
|
|
|
Geschreven door Dick Verschuur
|
|
woensdag 30 augustus 2006 |
De geur van stoofpeertjes en rode kool

Wanneer je op Bali de kust verlaat en de bergen in fietst - vooral in
de omgeving rond Munduk en op het noordelijke gedeelte van het eiland -
dan zul je, wanneer je boven vijfhonderd hoogte komt, een heel bekende
geur ruiken. Je gaat rechtop zitten, kijkt om je heen en denkt
'stoofpeertjes? rode kool? ... op Bali?'. Even verderop zie je meteen
de oorzaak van je verwarring. Langs de kant van de weg ligt een stuk
zeildoek waarop een paar vierkante meter kruidnagels te drogen liggen.
Je stopt, pakt een handje op en snuift diep. Winter... gezellig! Je
kijkt nog eens goed en dan vraag je je af waar die kleine
eifeltorentjes eigenlijk vandaan komen. Wat is het? Hoe groeit het?
En... waar gaat het allemaal naar toe?
Dus stap je af en kijkt rond. Je ziet een oude vrouw die met een houten
hark de nagels keert. In de schaduw van een tempelmuur zie je een
groepje vrouwen rond een berg groene takjes. Ze zwaaien naar je. Tegen
een boom staat een lange bamboe paal waar stokken door gestoken zijn en
uit de kruin van die boom wordt geroepen.
"Rokko tuan? Rokko?"
De
kruidnagelboom (Syzygium aromaticum) is een fraaie boom met dicht groen
loof en bloemen die in kleine trossen aan het uiteinde van de takjes
hangen. De kruidnagelen zijn de gedroogde, nog gesloten bloemknoppen
van deze boom. In die knoppen is al duidelijk de vorm van de
toekomstige kruidnagel te herkennen. De boom is 9 tot 12 meter hoog,
piramidevormig en altijd groen. Hij groeit langzaam en er kan pas na
6-8 jaar voor het eerst van worden geoogst. Daarna kan de oogst wel tot
100 jaar doorgaan.
De kruidnagelboom kwam oorspronkelijk alleen op de Molukken voor. Daar
werden de kruidnagels al eeuwen voor onze jaartelling geoogst en
verkocht aan handelaars uit Ceylon (Sri Lanka). Van daar kwamen de
kruidnagels in India en China terecht en, over de karavaanroute in
Alexandrië. De Romeinen hebben de kruidnagel in Europa geïntroduceerd.
Gedurende de middeleeuwen werd de kruidnagels hier nauwelijks gebruikt
omdat ze heel duur waren.
De Portugezen namen, vanaf het moment dat zij de archipel van de
Molukken veroverden, de handel van de Molukkers over en verhandelden de
druidnagels vanaf 1529 alleen in Lissabon en Antwerpen. Toen de
Hollanders van de VOC precies honderd jaar later de Portugezen op de
Molukken opvolgden stelden zij daar de doodstraf in op de export van
kruidnagelbomen. Ze gingen verder ook niet bepaald netjes tewerk om een
monopolie te vestigen.
Omstreeks het midden van 17e eeuw werd die expansiepolitiek met succes
bekroond en werd de kruidnagelproductie beperkt tot het eiland Ambon en
drie kleinere eilanden, ten oosten daarvan. Alle bomen buiten dit
gebied werden omgehakt en daar waar de bomen nog wel waren toegestaan
was men verplicht alle kruidnagelen aan de VOC te leveren. De inheemse
boeren werd maximaal 25 cent per pond betaald, terwijl de nagelen in
Europa en Azië werden verkocht voor tussen de 3 en 4 gulden per pond.
Toch lukte het de Fransen om op een gegeven moment jonge
kruidnagelbomen te verkrijgen, zodat deze op Zanzibar en Pemba gekweekt
konden worden. Van daar kwamen de bomen ook op Madagaskar, Sri Lanka en
in Granada, Maleisië en Tanzania terecht en was het afgelopen met het
monopolie van de VOC.

De jongens die langs dikke bamboe palen in de
boom klimmen plukken de bloemschermen.
Voor de teelt van kruidnagelen worden de
bloemknoppen geplukt als ze ongeveer anderhalve centimeter lang en
groen-roze van kleur zijn. De oogst vindt dus plaats voordat de knoppen
uitkomen en een dieprode bloesem vormen. De bloemknoppen worden heel
voorzichtig met de hand geplukt. Als ze worden geplukt, staan ze
namelijk op het punt van uitkomen en dat moet nou juist worden
voorkomen. Als een bloemknop open gaat, is deze namelijk niet meer als
specerij te gebruiken. De jongens die langs dikke bamboe palen in de
boom klimmen plukken de bloemschermen. Die worden later, op de grond,
door meisjes en vrouwen verder verwerkt. Die plukken de knoppen van de
schermen. De knoppen en de schermen worden op grasmatten of
betonvloeren uitgespreid om in de buitenlucht te drogen. In de droge
tijd duurt het nauwelijks een week voordat de kruidnagelen droog zijn.
Hierna zijn de bloemknoppen donkerbruin met iets lichterbruine kopjes
en heten ze kruidnagel. Kruidnagelen hebben dan ook al meteen de
karakteristieke sterke, zoete en doordringende geur en smaak.

In die knoppen is al duidelijk de vorm van de toekomstige kruidnagel te herkennen.

Langs de kant van de weg ligt een stuk zeildoek waarop een paar vierkante meter kruidnagels te drogen liggen.

Je ziet een oude vrouw die met een houten hark de nagels keert.

In de droge
tijd duurt het nauwelijks een week voordat de kruidnagelen droog zijn.
Buiten Indonesië (daarover straks) worden de kruidnagels vooral in de keuken gebruikt.
De karakteristieke en doordringende smaak en geur past goed in
koekkruiden, zoals bijvoorbeeld speculaas. Bij stoofgerechten, zoals
peertjes en runderlappen worden kruidnagels langdurig meegetrokken.
Traditioneel worden kruidnagelen ook meegekookt met rode kool en wild.
In India wordt de gemalen kruidnagel in kerriemengsels verwerkt. De
kruidnagels zelf moeten niet gegeten worden, want zelfs na lang stoven
hebben ze nog een zeer sterke smaak. Dit geldt niet voor de
kruidnagelen in de Friese nagelkaas.
Kruidnagelolie werd nog niet zo lang geleden in de tandheelkunde
gebruikt als verdovend middel. Toen werd de kruidnagel als verdoving in
een pijnlijke holle kies gestoken. Ook wordt het gebruikt om kleine
ondoorzichtige organische monsters of diertjes (vlooien, andere kleine
insecten) te klaren (doorschijnend maken) voor microscopie. De stof
eugenol uit kruidnagelolie wordt gebruikt als uitgangsmateriaal bij de
productie van vanilline. Ook wordt kruidnagelolie toegepast in parfum.
Diverse drankjes ontlenen hun sterke smaak aan kruidnagelen en
verschillende wierooksoorten krijgen er een extra aroma door.

Rokko tuan... rokko?
Dat is allemaal slechts een schijntje bij de hoeveelheden die in
Indonesië gebruikt worden. Want 95% van de totale kruidnagelproductie van
het land (en dat is heel, heel erg veel) is voor eigen gebruik. In Indonesië
worden de kruidnagels in sigaretten (kreteks) verwerkt en als je weet
dat iedere Indonesische man per dag minstens één pakje kreteks rookt
(en dat Indonesië meer dan tweehonderd miljoen inwoners heeft) dan kun
je je een idee vormen hoeveel kruidnagels daarvoor nodig zijn. De naam
kreteks is een klanknabootsing van het knetteren van deze sigaretten
wanneer ze worden aangestoken. Dat knetterende geluid is de olie uit de
kruidnagel die dan verbrandt.
|